De straten van New York


Manhattan - New York (USA)


 
●  Gele taxi's van de stad
●  Voor Europeanen onbekende modellen
●  Veel Ford, weinig GM
●  Overheersing Japanse merken
●  Veel SUV's en pick-ups


juli 2010, aanvullingen november 2010 en september 2011


 

  


Auto's kijken in New York


Er is geen automuseum of -fabriek. Toch is New York City voor de Europese autoliefhebber onbetwist een interessante bestemming. Een ogenschijnlijk oneindige rij van vrijwel onbekende modellen trekt de aandacht, bewijzend dat Amerika op autogebied écht een heel ander land is. Het nieuws ligt op straat. Of beter: het rijdt of staat er.
 

 

Het is maandagavond elf uur. Op Seventh Avenue en Times Square is het zo druk als in de Kalverstraat op de laatste koopmiddag voor Sinterklaasavond. Een bonte stoet auto’s en drommen mensen strijden met elkaar om de ruimte. Weliswaar heeft ieder zijn eigen afgebakend stuk straat, maar op de kruispunten verstrikken de twee stromen zich in elkaar. Voor auto’s is een rood verkeerslicht nog een teken om te stoppen, voetgangers trekken zich er weinig van aan. Omdat Amerika streng is voor automobilisten die voetgangers aanrijden, stroomt het verkeer met lage gemiddelde snelheid door. De gedisciplineerdheid die Amerikaanse weggebruikers elders kenmerkt, is afwezig. Er wordt getoeterd, er worden gaatjes gezocht om nog net tussendoor te schieten. Vanuit de ruimte moet het eruit zien als een verlicht mierennest. Afgezien van die verlichting is het overdag al niet anders. Een in auto’s geïnteresseerde Europeaan is blij met de autostroom en neemt de drukte voor lief. Er is immers veel te zien. Slechts weinig auto’s kom je ook bij ons tegen. Het straatbeeld is volstrekt anders dan in de steden van Europa.
 

Een doordeweekse avond op Times Square in Manhattan, New York.

Mens en auto strijden om de ruimte in de stad.

De Ford Crown Victoria is de meest voorkomende New Yorkse taxi.

Hybride
Het eerste dat opvalt, is de kleur geel. Het is de kleur van de vele duizenden officiële taxi’s, sinds 1967 verplicht. Een grote, typisch Amerikaanse slee leidt het keurcorps van de personenvervoerders: de Ford Crown Victoria. Van de ruim 13.000 taxi's in de stad zijn er 8.000 van dit type. Met zijn afzonderlijk chassis, achterwielaandrijving en een zware V8 is het een ouderwetse auto. Sinds 2008 wordt het model niet meer aan particulieren verkocht. Ford stopt er binnenkort helemaal mee.
De Amerikanen hebben een prachtige term voor dit soort auto’s, de gas guzzlers. Benzine is nog altijd spotgoedkoop vergeleken met die in Europa, maar is de laatste jaren wel fors in prijs gestegen. Als antwoord daarop leggen sommige taxichauffeurs een gastank achterin (de kofferbak is er groot genoeg voor). Rigoureuzer is de overstap op een milieuvriendelijker en zuiniger hybride-model. Ook daarvan rijden er inmiddels vele rond.
 

De Ford Escape Hybrid is een goede tweede.

Er zijn ook taxi's van andere merken, zoals deze Toyota, al zijn het er heel wat minder.

Luxer
De Ford Escape Hybrid is met ruim 2800 auto's op taxigebied duidelijk nummer twee. Hij ziet er door zijn glimmende grille meteen een stuk luxer uit. Het zwarte front van de Crown Victoria versterkt het utiliteitskarakter.
Veel taxi’s hebben verlichte reclameborden op het dak. Dit is immers het land van de commercie: geld verdienen waar het maar kan. Tegelijkertijd zijn er strenge regels. Zo beslist het stadsbestuur welke auto's als taxi dienst mogen doen. Het is verplicht de ritprijzen op de deuren te vermelden. Elke taxi heeft een nummer en binnenin staat de naam van de chauffeur. Voor het geval je wat te klagen mocht hebben. 
Ford heeft niet het alleenrecht op het taxivervoer. Er komen ook andere merken voor, zij het beduidend minder. In totaal bestaat de taxivloot uit zestien modellen van negen merken. Na de Crown Victoria en Escape staat de Toyota Sienna op de derde plaats (zo'n 1300 auto's).
 

Links: ook de politie gebruikt de Crown Victoria. Rechts: de stootbumper op een politie-Chevrolet.

Veel te zien: de Lincoln Town Car, waarbij "stadsauto" een bijzondere invulling krijgt.

Anders dan de Lincoln is een Cadillac een zeldzame verschijning.

Vinyl
Een derde telg uit de Ford-familie die nadrukkelijk een hoofdrol voor zich opeist, is de Lincoln Town Car. Stadsauto heeft in het Nederlands een heel andere betekenis! Per minuut kom je meer Lincolns tegen dan bij ons in een heel jaar. De meeste zijn zwart en worden ook ingezet bij betaald personenvervoer. Een enkeling is uitgevoerd met een namaak cabriolet- of landauletkap. Dak en de bovenste randen van de deuren zijn beplakt met vinyl om te suggereren dat het een kap is die open kan. Om het nog echter te maken, zijn er drukknopen voor de cabriolethoes, die er natuurlijk helemaal niet is. Amerikaanse kitsch met een grote K. De Lincoln is veelal ook de basis voor de bekende, lange limo's.
 

Het vinyldak moet suggereren dat het om een cabriolet gaat. Er zitten zelfs drukknopen op voor de hoes.

De bekende lange limo's zijn vaak geënt op de Lincoln. Een Cadillac is een zeldzaamheid.

Gebruiksvoorwerp
Anders dan in de rest van Amerika hebben maar weinig New Yorkers een eigen auto. In Manhattan slechts één op de vier huishoudens. In sommige buitenwijken ligt dat getal hoger, bijvoorbeeld in Staten Island, waar vier op de vijf huishoudens een auto heeft. Voor de stad als geheel is het ongeveer fifty-fifty. (In heel Amerika is het percentage 92.) 
Voor wie een auto heeft, is het vooral een gebruiksvoorwerp. In een drukke stad als deze is een krasje of deuk al snel opgelopen. Daar moet je niet te moeilijk over doen. Zo'n houding is kenmerkend is voor drukke wereldsteden. In Parijs of Rome zie je nauwelijks een ongeschonden auto. Toch maakt een enkeling in New York zich zichtbaar zorgen om zijn bezit. Om kleine parkeerschades te vermijden, krijgt de bumper een rubberen beschermingsmat. Het is een mal gezicht.
 

Zo voorkom je beschadigingen aan de achterbumper.

Echt niet handig in de stad, maar veel te zien, de SUV. Deze Chevrolet  en Cadillac behoren tot de grootste klasse.

De nieuwe mode: auto's met een hang naar iconen uit het verleden, zoals de Dodge Challenger.

Twee modellen uit het gamma van Chevrolet: de compacte Cobalt en de Traverse, een forse SUV.*

Amerikaanser kan niet: SUV's van Lincoln en GMC.*

Middenklassers
Als het straatbeeld van New York de maat zou zijn, gaat het met Ford nog wel goed, maar is het droevig gesteld met de twee andere Amerikaanse leveranciers. Modellen van General Motors en Chrysler vormen een minderheid. De problemen in de Amerikaanse auto-industrie zijn op straat zichtbaar. Veel meer dan in Europa overheersen de Japanse merken, met in hun kielzog de Koreanen. Ze hebben de markt van de kleine en grotere middenklassers overgenomen. De gemiddelde Amerikaanse sedan is van een Aziatisch merk, al staat de fabriek veelal in de Verenigde Staten. Soms komt de typenaam ons bekend voor, maar gaat het om totaal afwijkende modellen. Een Honda Civic of Accord en Hyundai Sonata zien er hier heel anders uit. Toyota biedt grote sedans aan die je bij ons in de showroom niet tegenkomt. Dat geldt ook voor de kofferbakversie van de Yaris. Het oude model daarvan heette in Amerika Echo en heeft wel heel merkwaardige verhoudingen. De Yaris is echt een klein autootje. Groot is nog altijd de maatstaf. De enkele Smart en Mini zijn opvallende verschijningen. Dat geldt trouwens voor Europese modellen in het algemeen. Ford probeert de gestegen vraag naar zuinige modellen invulling te geven met de Focus, een bekende naam met een afwijkend uiterlijk. Het bedrijf maakt ook reclame voor de Fiesta en beklemtoont de zuinigheid van het model.
 

De Nissan Altima is één van de populaire middenklassers. 

Buitengewoon populair is ook de Toyota Camry, ook in een hybride variant te verkrijgen.

Een ouder en nieuwer model van Toyota's grote middenklasser Avalon.

Honda Accord Sedan en Coupé zoals ze in Amerika op de markt komen.

Een wat oudere Honda Accord en de nieuwe hatchback van het merk, de Accord Crosstour.

Twee nieuwe, modern gelijnde modellen van het Koreaanse merk Hyundai.

Ook deze compace Hyundai Elantra is voor Europeanen een onbekende verschijning.* 

Mitsubishi's die je bij ons niet tegenkomt, een Eclipse en Galant.

Buitengewoon merkwaardige proporties en daardoor lelijk: de Toyota Echo, een Yaris sedan.

Links de huidige versie van de vierdeurs Yaris, rechts de concurrent van Nissan, de Sentra.

Ford wil met de nieuwe Focus klanten voor kleinere auto's aan zich binden.

Ook de nieuwe Fiesta komt in Amerika op de markt. Er wordt volop reclame voor gemaakt, met nadruk op zuinigheid.

Vooralsnog heeft Ford succes met de Flex, allesbehalve een klein autootje.*

Ze zijn er wel, Europese modellen, maar je moet ze met een lantaarntje zoeken.

De Mini en Smart zijn wel erg klein vergeleken met de rest van de stad.

Twee ook in de VS minder populaire eigen modellen: de Chevrolet Malibu en een driedeurs Chrysler Neon.* 

Winst
De straat laat zien dat de voormalige Grote Drie (GM, Ford en Chrysler) de klasse van de gezinswagens hebben verwaarloosd ten gunste van de meer winst opleverende Sports Utility Vehicles, Multi Purpose Vehicles en pick-ups. Ze gingen voor het snelle geld, inhakend op de trends. De Ford F150 pick-up was immers jarenlang de meest verkochte auto van Amerika. Toen er weer meer vraag kwam naar de traditionele gezinsauto, bleken de Japanners de Amerikanen te hebben ingehaald. Zij waren blijven investeren in verbetering van hun alledaagse modellen, ook toen die even wat minder populair waren. De Japanners kozen, zo concluderen analisten, anders dan de Amerikaanse managers voor de lange termijn. Tegelijkertijd ontwikkelden ze concurrenten voor de auto’s van de Grote Drie en verbeterden de concepten. In de showrooms van Toyota, Honda en Nissan verschenen ook de familiebusjes, pick-ups en terreinwagens voor in de stad. Bij de pechstatistieken scoorden de Japanse merken stelselmatig beter. Los van dit alles ontwikkelde Toyota zich als koploper op milieugebied en bracht als eerste een hybride auto op de markt. De rest van de autowereld volgde op afstand, met inbegrip van de Amerikanen. 
 

De grote middenklassers van Chevrolet en Ford staan op afstand van de Japanners.

Ook de Japanners kwamen met SUV's, zoals Honda. Links de traditionele Pilot, rechts de opvallende Element.

Toyota laat de markt van SUV's evenmin over aan de Amerikanen, links de Venza, rechts de Highlander.

Links de stoere Nissan Xterra en rechts de sportievere Rogue, een soort Qashqai in XL-formaat.

Amerikaanse SUV's: de Chevrolet Equinox en Ford Freestyle.

Links de moderne Buick Enclave en rechts de kleinere en wat oudere Pontiac Vibe.

Fords luxemerk Lincoln komt in dit marktsegment met de Mk X. 

De Buick Rendezvous probeert zich te onderscheiden door een opvallend design. Mooi? Smaken verschillen.

Niet alleen de Amerikaanse merken maken grote pick-ups, bewijst de Toyota Tundra. 

Nissan Quest en Toyota Sienna: deze MPV's zie je meer dan Chrysler Voyagers.

Scion is door Toyota in de markt gezet als leverancier van afwijkende, op jongeren gerichte modellen.

Tot het aanbod van Nissans submerk Infinity behoren ook SUV's en sportieve coupés.

Honda's luxemerk heet Acura en omvat ook een heel gamma aan modellen.

Gehusseld
Van de Amerikanen leerden de Japanners verder dat een tweede of derde merk binnen een concern extra klantengroepen kan aantrekken. Toyota presenteert niet alleen auto’s onder eigen naam, maar maakt ook de Lexus voor het luxe segment en de Scion voor sportievere automobilisten. Honda’s luxemerk heet Acura en Infinity is van Nissan. (Het is cynisch dat juist de Grote Drie vanwege economische redenen afscheid hebben moeten nemen van een aantal van hun merken. Dit voorjaar werd bekend dat Ford stopt met Mercury, terwijl GM eerder een punt zette achter Oldsmobile en Pontiac. Binnen de Chryslergroep komt  Plymouth alleen nog voor in de geschiedenisboeken.)
Op straat zien we dus andere modellen én andere merken. Verder wordt in de internationale autowereld af en toe gehusseld met merknamen als dat beter uitkomt. Een gesignaleerde Suzuki is gewoon een Daewoo. De Koreaanse GM-dochter is ook leverancier van de Saturn SUV die wij weer kennen als Opel Antara.
Langs de kant van de weg zien we een Mercedes Sprinter bestelwagen, die hier als Dodge aan de man is gebracht toen Daimler en Chrysler nog met elkaar gehuwd waren. Dezelfde bestelwagen is er ook als Freightliner met weer een andere grille en logo’s.

 

Pontiac wist het als merk niet te redden, ook niet met bijzondere modellen. Ze zijn verleden tijd.*

Ford kondigde dit jaar aan te stoppen met Mercury; de Mariner is gewoon een luxe Ford Escape. 

Geen Daewoo, geen Opel, geen Chevrolet maar een Saturn, één van de inmiddels overleden GM-merken.

En deze Saturn is natuurlijk gewoon een driedeurs Opel Astra GTC.* 

Een Mercedes die opeens Dodge heet, de Sprinter bestelwagen.

Een andere variant van de Mercedes is de Freightliner, herkenbaar aan de grille.*

Het is een Daewoo, maar op de neus prijkt het Suzuki-logo.

Kunst
Wie in New York voor Europeanen bijzondere auto’s wil fotograferen, heeft daar een dagtaak aan. We houden het hier dan ook op een kleine greep, inclusief een enkele vracht- en brandweerauto. Deze zware jongens hebben zo hun eigen karakteristieke uiterlijk, net als de kleinere busjes.
Vrijwel iedere auto trekt op een of andere manier de aandacht. Er is echter zoveel meer te zien in deze drukke wereldstad. Zoals de vele prachtige musea bijvoorbeeld. In één ervan ontkom je niet helemaal aan het fenomeen auto. Het Museum of Modern Art (MoMA) heeft de Italiaanse Cisitalia tot kunstwerk verheven. Dan wordt auto's kijken opeens een cultureel verantwoorde bezigheid!
 

Een Ford en Chevrolet, heel wat anders dan een VW Transporter, Opel Vivaro of Ford Transit!

Hier luxe versies van Fords bestelwagen met verchroomde bumpers en luxe wieldoppen.

En dit is personenvervoer op z'n Amerikaans, beide auto's zijn een Ford.

Brandweer- en vrachtwagens met veel chroom en versieringen: echt Amerikaans. 

Zowel vrachtwagens- als ook busmodellen hebben een zogeheten torpedofrontcabine.  

Zelfs de auto's van de post en de pakketdienst wijken af van wat wij kennen.  

Ruimteproblemen voor het parkeren kun je op deze manier oplossen.

De auto erkend als kunstwerk: de Cisitalia in het Museum of Modern Art (MoMA).


 

* De met een sterretje bij het onderschrift gemarkeerde foto's sluiten aan bij het verhaal maar zijn buiten New York gemaakt.

 

   Aanvullingen


NOVEMBER 2010
Komende jaren worden de taxi's van het model Ford Crown Victoria en ook de andere modellen vervangen door één nieuwe taxi. Drie fabrikanten maken kans om de order van 750 miljoen dollar binnen te slepen: Ford, Nissan en het Turkse Karsan. Begin 2011 maakt het gemeentebestuur van New York een keuze, mede gebaseerd op de mening van de gebruikers.
►lees meer over de nieuwe taxi voor New York.

SEPTEMBER 2011
Op 15 september is in de Ford-fabriek St. Thomas-plant in Canada de laatste Ford Crown Victoria van de band gekomen. Daarmee is het tijdperk van de V8-modellen met nog een afzonderlijk chassis bijna ten einde gekomen. Later dit jaar is het ook afgelopen met de Lincoln Town Car. Van de Crown Victoria zijn sinds 1992 zo'n 1,8 miljoen stuks verkocht. De laatste jaren was de auto niet meer voor particulieren te koop.