Expositie Glazen Koets

Den Haag (NL)




●  Oudste Koninklijke koets
●  Bijna 200 jaar oud
●  Zeven jaar restauratie 
●  Gemaakt in Brussel
●  Tijdelijk in Louwman Museum

maart 2015 - aanvulling augustus 2015
 

  


De Gouden Koets in de schaduw 
 

Bijna vijf jaar nadat zijn moeder het museum had geopend en zeven jaar na aanvang van een uitvoerige restauratie, onthulde Koning Willem-Alexander op 16 maart 2015 de Glazen Koets in het Louwman Museum in Den Haag. Het oudste rijtuig van het Koninklijk staldepartement in Den Haag blijft er tot 21 juni. Een indrukwekkende verschijning.    
 

Koning Willem I kijkt naar zijn luxe rijtuig dat hij in 1821 bestelde.

De start van de tijdelijke expositie in de grote entreehal van het museum is exact tweehonderd jaar nadat Willem I zichzelf uitriep tot koning der Verenigde Nederlanden en hertog van Luxemburg. Enkele maanden later, op 21 september 1815, werd hij in Brussel ingehuldigd. De koning bestelde daar in 1821 een koets bij de destijds befaamde plaatselijke rijtuigbouwer Pierre Simons. Het was een gebruiksvoorwerp, zij het voor bijzondere gelegenheden. In die tijd was de koets zo ongeveer het enige middel van vervoer over het land. De eerste treinen zouden pas achttien jaar later in Nederland verschijnen.
De koets is van superieure bouwkwaliteit. De leverancier leverde het rijtuig pas vijf jaar na de opdrachtverlening aan de vorst af. De koning gebruikte de koets met enige regelmaat tijdens zijn regeerperiode. Tot aan het eind van de Belgische revolutie in 1830 was Brussel de thuisbasis. Pas in 1840 verhuisde het rijtuig naar Den Haag.
 

De Glazen Koets is na vijf jaar restauratie en twee jaar voorbereiding weer in alle glorie hersteld.

De geschilderde panelen zitten achter glas, vandaar de naam Glazen Koets.  

Het is heel veel goud dat er blinkt...

Hoofdkleuren: rood, wit en (donker)blauw.

Staten-Generaal
Tussen 1849 en 1907 werd de Glazen Koets gebruikt bij de opening van de Staten-Generaal, een rol die daarna was weggelegd voor de Gouden Koets (gebouwd door de gebroeders Spyker en in 1898 door de burgerij van Amsterdam geschonken aan de nog jonge Koningin Wilhelmina). Bij drie belangrijke koninklijke huwelijken is de Glazen Koets ingezet: in 1901 (Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik), 1937 (Prinses Juliana en Prins Bernhard) en in 1966 (Prinses Beatrix en Prins Claus). Bij deze gelegenheden had het rijtuig een belangrijker ceremoniŽle functie dan de Gouden Koets. In historisch perspectief zet de Glazen Koets haar gouden stalgenoot in de schaduw.
 

Geen gezichtsbedrog: de wielen staan enigszins naar binnen. 

Driekleur
De Glazen Koets dankt zijn naam aan het beschermend glas op de deurpanelen. Het koetswerk is donkerblauw, afgezet met een vergulde lijst van laurier- en eikenbladeren. De twee andere kleurelementen zijn wit en rood, zodat de nationale driekleur in het ontwerp terugkomt. De Koninklijke W en de kroon op het dak maken duidelijk dat het om een belangrijk voertuig gaat. Op de vier hoeken van het dak staan kleine leeuwen die symbolisch de kroon beschermen. Achterop zien we de hoornen des overvloeds, verwijzend naar de welvaart die de koning het land moest verschaffen. Op de galabok is een ongekroonde leeuw net olifantenslurven te zien, het persoonlijke wapen van Koning Willem I. De koets wordt voortgetrokken door zes paarden, tenzij het staatshoofd erin zit, dan zijn het er acht. Het tuigage is niet van de eerste jaren, maar stamt uit de tijd van Koning Willem III.

 

Het Nederlandse wapen op de deuren van de blauwe kast.

Aan de linkerkant naast het wapen een engeltje.

Vier kleine leeuwen op de hoeken beschermen de Kroon. 

De hoornen des overvloeds aan de achterzijde van het rijtuig.

Detail van het kunstige houtsnijwerk.

Het tuigage van de paarden is uit de tijd van Koning Willem III.

Restauratie
Aan de feitelijke restauratieperiode van vijf jaar ging twee jaar studie vooraf. De koets is bewust niet in de oorspronkelijke staat van 1826 teruggebracht. Eerdere aanpassingen zijn niet ongedaan gemaakt. Zo komen de ellipsvormige bladveren voort uit een aanpassing tussen 1880 en 1890. Van het begin van de twintigste eeuw zijn de wielen, een slag groter dan van het origineel. Eerder waren springveren aangebracht om de Ďkastí van de koets te stabiliseren. Die zijn wel weggehaald.
 

De ellipsvormige bladveren zijn later aangebracht.

Begin twintigste eeuw zijn grotere wielen aangebracht.

Interieur
In de schijnwerpers van het museum blinkt het goud je tegemoet. Hiermee vergeleken heeft de Gouden Koets in de loop der jaren zijn glans in letterlijke zin verloren. De linkerdeur staat open en gunt de bezoeker een blik in het interieur. Dat is gemaakt van fluweel, purper en beige van kleur. De hemel is opnieuw gemaakt, van geborduurde zijde. Fotoís van het restauratie- en reconstructieproces laten zien dat het allemaal handwerk is. Het vorige hemeltje is niet weggegooid. Het ligt even verderop in een vitrine, net als andere onderdelen die niet meer gebruikt konden worden. Onderdeel van de expositie zijn ook het orderboek van Simons en het originele schetsontwerp, net als het inventarisboek en twee rekeningen van het staldepartement.
 

Een unieke mogelijkheid om een kijkje in het binnenwerk te nemen.

Het interieur is van fluweel in de kleuren purper en beige. 

De afwerking is tot in de puntjes verzorgd. 

De nieuwe hemelbekleding met geborduurde W.

Dit is allemaal opnieuw gemaakt. 

 

Tijdelijk
De Glazen Koets is vanzelfsprekend geen auto. Anders dan bij de Gouden Koets is er ook geen relatie met de autowereld. Museumeigenaar Evert Louwman en directeur Ronald Kooyman zijn er echter niet minder trots op dit voertuig als tijdelijke aanwinst van hun museum te kunnen presenteren. In de imposante hal van het museum komt het rijtuig in alle glorie schitterend tot zijn recht. Je zou wensen dat het een permanent onderdeel van de tentoonstelling zou zijn. Voor die enkele keer dat de koning het voertuig wil inzetten, kan dat dan wel even van zín plek! Zo zal het echter niet gaan, weet iedereen. Het is maar voor een paar maanden. Dan gaat het rijtuig weer terug naar de Koninklijke Stallen. Misschien wel weer, net als bij de komst naar het museum, door de straten van Den Haag, getrokken door vier ingespannen paarden.
Vanuit het hof is al gemeld dat de Glazen Koets in het vervolg vaker te zien zal zijn bij officiŽle gelegenheden. Een mooi eerbetoon aan de bouwers en restaurateurs. En aan de opdrachtgever uiteraard. Onze eerste koning laat zich groeten.
 

Simons uit Brussel (toen nog Nederlands) maakte het rijtuig. Rechts de oudste foto van de koets.

In vitrines liggen de delen die bij de restauratie zijn vervangen.

De restauratie was vooral een kwestie van veel handwerk.

Het wapen was ook aan vernieuwing toe.

Onderdeel van de expositie zijn de uniformen van degenen die de koets begeleiden. 

Zes paarden trekken het rijtuig, tenzij het staatshoofd er in zit, dan zijn het er acht.

 

 

  Aanvulling

AUGUSTUS 2015
Na de Glazen Koets is het nu de beurt aan de Gouden Koets om gerestaureerd te worden. Komende Prinsjesdag zal voorlopig de laatste zijn dat de Gouden Koets te zien is. Daarna volgt een restauratie die volgens de Rijksvoorlichtingsdienst drie tot vier jaar in beslag zal nemen. In die periode zal gebruik worden gemaakt van de Glazen Koets.