De keuze van een auto

De Geluksmachine

Zo kies je de auto die je echt wilt

Erwin Wijman  



●  De keuze van je auto
●  Eigenschappen van merken 
●  Merken en persoonlijkheden 
●  Knipoog naar ons aller gedrag 


juli 2017

 

  


Een auto is meer dan een ding 

Autosociopsycholoog noemt Erwin Wijman zichzelf, daarmee aangevend dat hij de werelden van de auto met de vakgebieden sociologie en psychologie verbindt. Zijn nieuwste boek heet ‘de Geluksmachine’, waarin hij een pleidooi houdt om jezelf gelukkiger te voelen door de auto te kiezen die je zelf écht wilt en je keuze niet te laten bepalen door de wereld om je heen.

Zeven van de tien autobezitters in Nederland rijden niet in een auto die ze zouden willen. Dat is dom, want wie kiest voor een droomauto wordt daar gelukkiger van. Vrijheid heeft het dan gewonnen van het keurslijf waarin de omgeving je probeert te proppen. Dat is zo ongeveer de rode draad door het boek van Wijman, waarbij hij het maken van een eigen keuze ook doortrekt naar geluk in het algemeen. De auto is slechts een metafoor. Laat je in het leven niet leiden door anderen, maar kies zelf. Het betoog wordt geďllustreerd met tientallen voorbeelden, met naam en toenaam genoemd. Eén ervan is van een jonge vrouw die op haar 26e haar werk als zelfstandige begon met het aanschaffen van een spiksplinternieuwe Jaguar. Ze werd de jongste Nederlander die ooit een nieuwe auto van dat merk had gekocht. Dat is toch veel beter dan je keuze te laten bepalen door wat anderen vinden, wat bij je collega’s of in de straat geaccepteerd is, door de hoogte van de bijtelling of door de leaseklassen van je werkgever, aldus Wijman. We zijn vastgeroest in onze autokeuze en daarmee beperken we onze geluksbeleving, stelt hij. Daardoor rijden consultants in BMW’s en Audi’s en carričreloze moeders in Kia’s en Hyundai’s. Op alle mogelijke manieren onderbouwt hij zijn stelling door te verwijzen naar onderzoeken, door hemzelf opgezet of door anderen. De getallen buitelen over elkaar heen.

Stereotypen
De Geluksmachine roept veel punten van herkenning op en her en der een glimlach. Wijman houdt ons een spiegel voor. Succesvolle zakenlieden willen niet gezien worden in een Dacia of Lada en Volkswagenrijders hebben op basis van hun verstand en niet hun emotie gekozen. Vrouwen kiezen veel vaker voor een Fiat 500 en een Mini dan mannen. BMW, Audi, Mercedes en Porsche zijn de meest begeerde merken. Aan generalisaties geen gebrek, maar stereotypen zijn per definitie een reflectie van de werkelijkheid. Het is best vermakelijk om te lezen, maar meer ook niet. Het boek heeft mij niet tot denken aangezet. Misschien was dat ook niet de bedoeling, al wordt gesuggereerd van wel. Op Wijmans suggestie dat de merkbeleving van de autowereld uniek is, valt wel wat af te dingen. Een Rolex geeft dezelfde tijd aan als een klokje van een tientje, maar beide uurwerken passen bij andere groepen in de samenleving. In de wereld van de grafische vormgevers word je niet serieus genomen als je geen Apple hebt. En een zwart overhemd. Een onderbroek is een onderbroek, maar een paar jaar geleden was het ondenkbaar dat er in de kleedkamer van het jeugdelftal geen Björn Borg op stond. Dan telde je niet mee. Waarom mensen bepaalde merken kiezen, is een vraagstuk waarover al heel wat boeken zijn geschreven. Als parodie op dergelijke werken is het in zekere zin wel geslaagd, maar wat mij betreft dan toch weer niet puntig genoeg.

Typeringen
In een van de laatste hoofdstukken deelt Wijman automerken in naar de vier veel in de psychologie gebruikte classificaties en kleuren: Decisive, Interactive, Stability en Cautious; rood, geel, groen en blauw. Dit is het meest lezenswaardige deel van het boek. In het vak rood, getypeerd door dominantie, ongeduld en assertiviteit plaatst hij BMW, Mercedes en Audi. Geel zijn Alfa Romeo, Tesla en de Fiat 500: enthousiast, energiek en expressief. Mazda, Nissan, Ford en Škoda (in het boek steevast met een gewone S geschreven) zijn groen, dus mensgericht, bescheiden en goede luisteraars. (In het schema enkele pagina's verderop zijn Nissan en Škoda overigens blauw. Foutje? Slordigheidje? Of zijn de typeringen gemakkelijk uit de mouw geschud?). Blauw betekent consciëntieus, indirect en taakgericht; Toyota, Volvo en Volkswagen horen daarbij. En opnieuw Nissan. Grappig: Porsche is rood, maar Ferrari en Lamborghini geel. Daarmee typeert hij meteen de rijders, hoewel dat strijdt met zijn eerste opmerking dat bijna niemand in de auto rijdt die hij of zij zou willen. Maar dat is dan ook weer psychologisch verklaarbaar, volgens de auteur. Meer dan enig ander gebruiksvoorwerp heeft de auto een karakter. Meer dan wat anders is het een verlengstuk van de persoonlijkheid. Daarom gaat autodelen en autonoom rijden ook niet gebeuren, betoogt hij heel stellig. Het past niet bij de cultuur van onze samenleving.

Cabaretier
Na het lezen van het boek blijft de vraag over: wat moet ik ermee? Is het serieus of een dikke vette knipoog? Er zit geen lijn in de waterval van de grote hoeveelheid onderzoeksresultaten die Wijman over je uitstort. Het boek lijkt op een vermakelijke voorstelling van een cabaretier die zijn toehoorders een (vaak niet heel verrassende) spiegel voorhoudt, maar zijn programma niet echt een thema heeft weten te geven. Het leest als een trein. Zeker. Het noemen van namen en voorbeelden maakt het tekst heel toegankelijk, maar tegelijkertijd erg tijdgebonden. Op een gegeven moment gaan de voorbeelden ook vervelen. Sommige zijn grappig, vele echter heel voorspelbaar. Het laatste deel van het boek is nog het aardigst, hoewel de tekst niet klopt met de afbeelding waarnaar wordt verwezen. Dat is dan ook mijn grootste kritiek: het is te snel en gemakkelijk geschreven, een structuur ontbreekt, het is niet door de handen van een kritische eindredactie gegaan (waarom moet je vier keer achter elkaar uitleggen wat DISC betekent?) en heeft de diepgang van een plasje olie onder een lekkende old timer. De titel had ook kunnen zijn “Knipoog naar de automobilist”. Dat was misschien beter geweest, want De Geluksmachine is ook de titel van een ander in 2015 verschenen boek. Maar een knipoog verkoopt waarschijnlijk minder goed dan een boek met vrolijke autootjes op de kaft. In die zin heeft Wijman gelijk: een auto is meer dan een ding. Het is emotie. Voor de autoliefhebber is dat geen nieuws. En voor de mensen om hem (haar?) heen evenmin.

 

  

  


De Geluksmachine - Zo kies je de auto die je echt wilt

Erwin Wijman 

Haystack
juni 2017
ISBN: 9789461262202